In 2012 verscheen van zijn hand het managementboek Denken als een Generaal. Sindsdien schrijft hij factionverhalen die dicht tegen de werkelijkheid aan schuren.

Hoe pleeg je een legendarische moordaanslag?

Deel 4 - Yitzhak Rabin

FLABBER28 SEP 2018 – 15:15

Een bomaanslag, een regen aan kogels of gewoon een enkel gericht schot, wat is de beste manier om een politiek leider uit de weg te ruimen? Geschiedenisconnaisseur Michiel Janzen is terug met vier artikelen over historische moordaanslagen. Vandaag deel 4: de koningsmoord op Yitzhak Rabin.

Regeringsleiders, presidenten en dictators zijn altijd het doelwit van een aanslag geweest. Hun functie wordt gekenmerkt door politieke macht en ongewilde belangstelling. Niet elke door hen genomen beslissing valt in goede aarde. Op een gegeven moment besluiten geheime organisaties en terroristen over te gaan tot het zwaarste middel van verzet: een moordaanslag op de persoon in kwestie. Slechts een enkele poging slaagt. Maar ook de maatschappelijke gevolgen van een mislukte aanslag reiken vaak verder dan de daders hadden voorzien.

“We do not celebrate the death of our enemies.” — Yitzhak Rabin

Israël verkeert sinds haar ontstaan in 1948 in een permanente staat van oorlog. Dat komt door haar geografische ligging, haar economische welvaart en het religieuze geloof van haar inwoners. Een Joodse staat te midden van moslimlanden; dat is vragen om ellende. De Israëli’s weten niet beter. Als ze niet strijden tegen de Arabische liga dan is het wel tegen de Palestijnen.

Het Israëlische leger IDF (Israel Defense Forces) en de Mossad, de geheime dienst, hebben de reputatie de beste van het Midden-Oosten te zijn. Toch konden ze niet voorkomen dat op 4 november 1995 premier Rabin werd vermoord.

Toen Yitzhak Rabin in 1922 werd geboren bestond de staat Israël nog niet. Na de Eerste Wereldoorlog verloor het eens zo machtige Ottomaanse Rijk (nu Turkije) grote delen van haar grondgebied. De groep Turkse officieren die onder de naam ‘Jong-Turken’ in 1908 een staatsgreep pleegden, gokten op het verkeerde paard. Ze kozen de kant van de centralen (Duitsers en Oostenrijk-Hongarije) en betaalden daarvoor een hoge tol. Het zuidelijk deel van het Ottomaanse Rijk werd opgedeeld onder de winnaars. In 1920 werden Syrië en Libanon een Frans mandaatgebied en Irak en Palestina een Brits mandaatgebied.

In 1917 beloofde Arthur Balfour, de Britse minister van Buitenlandse Zaken, alles in het werk te stellen om een Zionistische Staat in Palestina te realiseren. Hoewel het ‘Beloofde Land’ bij het begin van de jaartelling voornamelijk door Joden werd bevolkt, worden ze nu als indringers gezien. Na de Tweede Wereldoorlog zit Groot-Brittannië financieel aan de grond. De onrust in het mandaatgebied Palestina kunnen ze missen als kiespijn. In 1947 werd door de Verenigde Naties besloten om Palestina op 15 mei 1948 op te delen in een Arabische Staat (43% van het landoppervlak) en een Joodse Staat (57% van het landoppervlak). Jeruzalem zou tussen beiden verdeeld worden. De Joodse leiders stemden met dit voorstel in, de Arabische delegaties niet.

Nog voordat het Britse mandaat officieel verliep, brak er een burgeroorlog uit tussen de twee bevolkingsgroepen. De Joodse leiders riepen snel de onafhankelijke staat Israël uit en trokken ten strijde. Toen negen maanden later de vrede werd getekend, bezetten de Israëli’s grote delen van het voormalige mandaatgebied. Daarmee hadden ze hun landoppervlak uitgebreid tot 78%.

Yitzhak Rabin volgt een opleiding tot agrarisch-ingenieur maar maakt in 1941 de overstap naar Hagana, de voorloper van het Israëlische leger. Als Palmach-strijder doet hij mee aan commandoraids onder aanvoering van Moshe Dayan, de legendarische generaal met het ooglapje.

Tijdens de Arabische-Israëlische oorlog van 1948 is Rabin plaatsvervangend commandant van de Harel-brigade. In tien dagen tijd worden vele kilometers en grond en meer dan dertig steden en dorpen veroverd door de Harel-strijders. Rabin toont aan een slim strateeg en nietsontziend aanvoerder te zijn. Tienduizenden Arabieren en Palestijnen wachten de komst van de Israeli’s niet af en slaan op de vlucht. Rabin’s ster is rijzende en in 1964 is hij Rav Aluf (drie-sterren generaal) en legeraanvoerder van het IDF.

Drie jaar later wordt Israël opnieuw vanuit meerdere zijden aangevallen. In de Zesdaagse oorlog van 1967 voert Israël strijd tegen een coalitie van Egypte-Jordanië en Syrië. Dankzij de door spionage verkregen informatie, vaagt tussen 5 en 10 juni de Israëlische luchtmacht – in een wat we nu een preemptive strike noemen – die van Egypte volledig weg. Daarop annexeren de Patton-tanks van het IDF de Sinaï-woestijn, een oppervlak twee keer zo groot als Israël zelf.

Meer dan 300.000 Palestijnen slaan op de vlucht. Wanneer de Jordanese en Syrische strijdkrachten het land vanuit de rug aanvallen, weet Rabin de door hem strategisch opgestelde troepen zo snel te mobiliseren dat ze direct tot de aanval kunnen overgaan. Zes dagen later bezet het IDF de op Jordanië veroverde Westelijke Jordaanoever en de op Syrië veroverde Golan-hoogte. De coalitie verloor meer dan 20.000 soldaten, Israel nog geen 1000. Eens te meer liet het kleine land zien dat het militair zijn buren de baas was. Vele Amerikaanse en Russische Joden zagen de staat Israël vanaf dat moment als een veilige basis voor hun toekomst en besloten er naartoe te verhuizen.

Egypte en Syrië zonnen op wraak en hadden zich voorgenomen dit keer hun aanvalsplannen beter voor te bereiden en te verhullen. Jom Kipoer, de Grote Verzoendag is de belangrijkste feestdag voor de Joden. In 1973 valt die dag op 6 oktober. Terwijl het publieke leven in Israël stil ligt, steken de Egyptische troepen van president Anwar Sadat om twee uur ’s middags het Suezkanaal over en ‘bevrijden’ de Sinaï-woestijn. Tegelijkertijd breken Syrische troepen door de zwakke Israëlische verdedigingslinies op het zuidelijk deel van de Golanhoogte.

Israël waande zich superieur aan haar buurlanden en onderschatte hun aanvalskracht. Binnen 24 uur is de situatie zo kritiek dat Israëlische regering verwacht dat het land volledig bezet zal worden. Maar het IDF reageert snel. De eerste aanval van het Israëlische leger loopt vast op de sterke Egyptische verdediging die voorzien is van de modernste Sovjetwapens. Op 10 oktober verovert Israël wel de Golanhoogte terug op Syrië. Het is dat het Iraakse Leger de Syrische troepen te hulp schiet anders was het front in het noorden volledig ingestort.

Vijf dagen later omsingelt het IDF alsnog het Egyptische leger. Opnieuw dreigt een vernedering voor Sadat. Op 22 oktober legt de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties een wapenstilstand op, die Israël pas accepteert nadat het Egyptische leger volledig is ingesloten. Tijdens de Jom Kipoeroorlog krijgen de Westerse landen (vooral de VS en Nederland) die Israël steunen door de Arabische Liga een olieboycot opgelegd. Het leidt in Nederland tot tien autoloze zondagen.


Van 1968 tot 1973 is Rabin ambassadeur in de Verenigde Staten en bouwt daar een groot netwerk aan relaties op. Vanwege zijn afwezigheid is hij een van weinige politieke leiders die zich niet hoeft te verantwoorden voor de verrassingsaanval op 6 oktober 1973. Bij de verkiezingen van 1974 wordt hij tot premier van de Knesset gekozen. Simon Peres is zijn minister van Defensie.

Op 27 juni 1976 wordt een Air France-toestel dat onderweg is van Tel Aviv naar Parijs in de lucht gekaapt en de piloot gedwongen uit te wijken naar Oeganda. Er zijn 248 passagiers aan boord, waaronder 106 Joden. Twee kapers maken deel uit van het Volksfront voor Bevrijding van Palestina en de andere twee zijn Duitse radicalen. Een week lang kijkt de wereld toe hoe de Oegandese dictator Idi Amin zich, te midden van de gijzelaars op het vliegveld Entebbe, god op aarde waant.

Rabin en Peres hebben ondertussen niet stil gezeten. In het diepste geheim geven ze groen licht voor een van de meest spectaculaire reddingsoperaties ooit. Commandotroepen van het IDF vliegen naar Entebbe, schieten de vier terroristen en 45 Oegandese soldaten dood en bevrijden – op vier na – alle gegijzelden. Een ongekend succes.

Wanneer Menachem Begin in 1977 de verkiezingen wint, wordt Rabin minister van Defensie. Hij is een voorstander van de harde lijn. Wat hij daaronder verstaat wordt duidelijk als de Palestijnse Intifada uitbreekt. De Palestijnen voelen zich decennialang minderwaardige inwoners en aan hun lot overgelaten. Ze gaan in 1987 over tot een breed gedragen verzet. Het begint met graffiti, stakingen en het boycotten van belasting maar wordt al gauw gewelddadig. Jongeren gooien met molotov-cocktails naar het IDF.

In die periode ontstaat de verzetsgroep Hamas die zich als doel stelt om Palestina te bevrijden van de Israëlische bezetting. Rabin grijpt hard in en introduceert de break their bones-strategy. De naam geeft precies aan hoe het werkt. IDF-militairen slaan met stenen de armen van Palestijnse rebellen kapot. Het leidt tot vreselijke taferelen.

Rabin krijgt zowel lof (van orthodoxe Joden) als kritiek (van gematigde Israeli’s en uit het buitenland) over zich heen. De Eerste Intifada duurt van 1987 tot 1993. Er sterven ruim 1200 Palestijnen en 150 Israeli’s (zowel soldaten als burgers). Rabin’s reactie is: “We do not celebrate the death of our enemies.”

En dan gebeurt het onmogelijke. Rabin, sinds 1992 opnieuw gekozen tot premier van de Knesset, wijzigt zijn opvatting over het conflict met de Palestijnen. Hij geeft zijn goedkeuring aan geheime onderhandelingen met de PLO (Palestine Liberation Organization), die internationaal gezien wordt als de vertegenwoordiging van het Palestijnse volk. De hardliner Rabin is tot inkeer gekomen. De strijd tussen de Palestijnen en de Israëli’s levert alleen maar verliezers op. Hij stelt als voorwaarde dat PLO-leider Arafat Hamas het zwijgen oplegt. Op 13 september 1993 verschijnt Rabin met Arafat op het grasveld voor het Witte Huis in Washington DC. Onder toeziend oog van president Bill Clinton zijn de Oslo-akkoorden getekend.

Een historische overeenkomst die moet leiden tot Palestijns zelfbestuur in de Westelijke Jordaanoever en langdurige vrede. Niet veel later tekent hij een vredesverdrag met Jordanië en hij kondigt vredesonderhandelingen met Syrië aan. Het levert hem in 1994 de Nobelprijs voor de Vrede op.

Maar niet iedereen is tevreden met Rabins politieke koers. Sommigen geloven dat Rabin een gevaar voor het voortbestaan van de staat Israël is. Anderen zien in hem een Joodse Hitler en een kindermoordenaar. Rabin ontvangt met regelmaat doodsbedreigingen en laat zich continu omringen door bodyguards. Op zaterdagavond 4 november 1995 is er een grote vredesmanifestatie in Tel Aviv. Rabin en zijn vrouw Lea, zijn uitgenodigd maar hij is huiverig om te gaan. De Mossad verzekert hem dat ze alle mogelijke maatregelen hebben genomen en dat de kans op een aanslag door een Palestijnse zelfmoordterrorist nagenoeg nul is. Rabin vindt dat hij niet weg kan blijven van een manifestatie waartoe hij zelf de aanleiding heeft gegeven. Wanneer hij eenmaal op het podium staat, spreekt hij een zee van 200.000 juichende aanwezigen toe. Het is een bevestiging dat hij de juiste koers is ingeslagen.

Yigal Amir denkt daar anders over. De 25-jarige rechtenstudent is de zoon van ultra-orthodoxe immigranten. Amir moet niets hebben van de Oslo-akkoorden en wil niet dat de Joodse nederzettingen in de Westelijke Jordaanoever en de Golanhoogten ontruimd worden.

Hij sluit zich aan bij de extreem-rechtse militiegroep Ayal. Wanner deze ‘Joodse Strijders’ horen dat enkele orthodoxe rabbijnen Din Rodef – een doodsvonnis volgens de Talmoed – hebben uitgesproken weet Amir wat hem te doen staat. Baruch Goldstein is zijn voorbeeld.

De orthodoxe Goldstein drong een jaar eerder tijdens de ramadan een moskee in Hebron binnen en vermoordde 29 biddende Palestijnen. Buiten de moskee werd Baruch overmeesterd en doodgeslagen. Rond die tijd had Amir tijdens een bruiloft van een vriend onder de aanwezigen premier Rabin gezien. Hij was verbaasd dat binnen het gebouw de beveiliging zo nonchalant was. Amir nam zich voor de eerstvolgende gelegenheid aan te grijpen.

Amir bevindt zich tijdens de vredesmanifestatie dicht bij het podium. Hij draagt een Beretta semi-automatisch pistool onder zijn hemd. Hij ziet hoe de beveiliging nadrukkelijk elke Arabier fouilleert of zelfs de toegang weigert, maar dat ze hem met rust laten. Na zijn toespraak verlaat Rabin het podium en loopt door de enthousiaste menigte richting de gereedstaande Cadillac. Er lopen bodyguards om hem heen maar hij blijft heel toegankelijk en schudt handen met omstanders.

De laatste beelden van vlak voor de moordaanslag

Vlak voordat hij wil instappen, komt er een slanke jongeman met keppeltje op het hoofd dichterbij die een pistool trekt en drie maal schiet. Twee schoten raken Rabin in de rug, de derde verwondt een beveiliger.

De zwaargewonde Rabin wordt met spoed naar het ziekenhuis gebracht maar overlijdt op de operatietafel. Het is een grote schok voor de Israëli’s. Hoe was deze ‘koningsmoord’ mogelijk? Een Jood die een Jood vermoordt? En hoe kon de beste geheime dienst ter wereld dit niet hebben zien aankomen?

Rabin wordt opgevolgd door Peres, die in 1996 de verkiezingen verliest van Benjamin Netanyahu. De laatste is een absolute tegenstander van de Oslo-akkoorden en hij bevriest alle onderhandelingen. Het vredesakkoord ging weer van tafel. Daarmee heeft de moord op Rabin precies zijn doel bereikt.

Yasser Arafat roemt Rabin enkele dagen later in een interview: “I miss this brave man.”

Yigal Amir wordt in 1996 tot een levenslange gevangenisstraf veroordeeld.

Van 2000-2005 is er een Tweede Intifada. Volgens velen is deze nooit afgelopen, anderen spreken sindsdien van een Derde Intifada – die tot op heden voortduurt.

lannooUITG
Logo-GivingBrandsEnergy-RGB